1. Redactie: ingevolge artikel I, onderdeel Y, van de Wet van 11 juli 2018, houdende wijziging van de Wet van 22 april 1855, Stb. 2018, 245, is de Wet ministeriële verantwoordelijkheid met ingang van 19 september 2018 voorzien van een nieuwe citeertitel, luidende: Wet ministeriële verantwoordelijkheid en ambtsdelicten leden Staten-Generaal, ministers en staatssecretarissen.

 

 

 

Nadere regelgeving:
- Geen

 

 

WET van 22 april 1855, Stb. 1855, 33, houdende regeling der verantwoordelijkheid van de Hoofden der Ministeriële Departementen. Inwerkingtreding: 20 mei 1855.

 

     WIJ WILLEM III, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, Groot-Hertog van Luxemburg, enz., enz., enz.,

     Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
     Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat, ter voldoening aan artikel 73 in verband met artikel 53 der Grondwet, de strafregtelijke verantwoordelijkheid van de Hoofden der Ministeriële Departementen moet worden geregeld door de wet en die regeling behoort plaats te hebben met inachtneming van artikel 159 der Grondwet;
     Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Klik hier voor de geconsolideerde tekst van deze regeling (alleen voor abonnees).