Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet)

 

ARBEIDSOMSTANDIGHEDENREGELING  (Arboregeling)

Tekst zoals deze geldt op 23 juli 2014

 

 

 

 
REGELING houdende bepalingen ter uitvoering van bij en krachtens de Arbeidsomstandighedenwet en enige andere wetten gestelde regels

     De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
     Gelet op de artikelen 7, vierde lid, onderdeel b, 9, vierde en zesde lid, 10, vijfde lid, 41, eerste lid, en 42, tweede lid, van de Arbeidsomstandighedenwet, artikel 6 van de Wet arbeid gehandicapte werknemers en artikel 11 van de Algemene wet erkenning EG-hogeronderwijsdiploma's;
     Voorts gelet op de artikelen 2.7, tweede en derde lid, 2.8, 2.15, eerste en derde lid, 2.24, eerste lid, 4.7, eerste, derde en vijfde lid, 4.8, tweede tot en met vijfde lid, 4.9, zevende lid, 4.10, tweede en derde lid, 4.14, vijfde lid, 4.16, eerste lid, 4.42, vijfde lid, 4.50, tweede lid, 4.54, derde en vijfde lid, 4.60, vierde en vijfde lid, 4.65, eerste lid, onderdeel a en b, 4.66, onderdeel a en b, 4.67, eerste en vijfde lid, 4.68, eerste lid, 4.7.0, derde en vijfde lid, 4.71, eerste lid, 4.72, eerste lid, 4.73, 5.12, 6.17, derde lid, 7.19, achtste tot en met negende en elfde lid, 7.29, zesde en zevende lid, 7.32, tweede lid, en vierde tot en met zevende lid, 8.4, tweede lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit;
     Gezien de adviezen van de Sociaal-Economische Raad van 28 juli 1995, kenmerk 95/35, en 28 maart 1996, kenmerk 96/31;

     Besluit:

 

 

Hoofdstuk 1. Algemene Bepalingen

Paragraaf 1.1. Definities

Artikel 1.1. Definities algemeen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. besluit:

het Arbeidsomstandighedenbesluit;

b. de minister:

de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Paragraaf 1.1a. Certificatie

Artikel 1.1a. Jaarverslag

In het jaarverslag van een certificerende instelling, bedoeld in artikel 1.5e, eerste lid, van het besluit worden ten minste de volgende onderwerpen behandeld:

a. de door de instelling afgegeven, ingetrokken, geschorste dan wel geweigerde certificaten;

b. wijzigingen in de op het werkveld van de instelling betrekking hebbende accreditaties, reglementen en procedures;

c. wijzigingen in de op het werkveld van de instelling betrekking hebbende taakverdeling;

d. wijzigingen in de bestuurssamenstelling;

e. wijzigingen in de statuten of het huishoudelijk reglement;

f. aan derden uitbestede werkzaamheden;

g. structurele knelpunten op het werkveld van de instelling die zich in de uitvoeringspraktijk hebben voorgedaan;

h. het gevoerde overleg en de samenwerking op het werkveld met andere certificerende instellingen;

i. door de instelling ontvangen klachten en de wijze van afhandeling daarvan;

j. tegen de beslissingen van de instelling ingediende bezwaren en ingestelde beroepen en de wijze van afhandeling daarvan;

k. een financieel verslag betreffende de activiteiten waarvoor de instelling is aangewezen.

Artikel 1.1b. Vergoeding extra kosten certificatie en wijze van betalen

1. Voor zover ten gevolge van een verzoek of handeling dan wel nalaten van de aanvrager van een certificaat als bedoeld in deze regeling, extra kosten worden gemaakt in verband met de afgifte van het certificaat, worden deze kosten doorberekend aan de aanvrager.

2. De kosten verbonden aan de afgifte van een certificaat worden bij de aanvraag voldaan overeenkomstig de aanwijzingen van de instelling.

Paragraaf 1.2. Algemene bepalingen over opleidingen

Artikel 1.2. Algemeen

Voor zover in deze regeling regels zijn gesteld over opleidingen zijn de artikelen 1.3 tot en met 1.8 van toepassing.

Artikel 1.3. Materiaal

De opleiding wordt gegeven aan de hand van aan de cursisten ter beschikking gesteld overzichtelijk schriftelijk opleidingsmateriaal van voldoende didactische kwaliteit.

Artikel 1.4. Docenten

De docenten beschikken voor de onderwerpen die zij tijdens de opleiding behandelen aantoonbaar over ruime theoretische, praktische en didactische kennis of vaardigheden.

Artikel 1.5. Faciliteiten

1.De opleidingsinstelling beschikt over adequate opleidingsfaciliteiten.

2.De opleidingsinstelling biedt de opleiding ten minste twee maal per jaar aan en voert haar ten minste eenmaal per jaar uit.

3.De opleidingsinstelling legt de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van alle betrokkenen bij de opleiding schriftelijk vast.

4.De opleidingsinstelling treft adequate maatregelen om de veiligheid van de cursisten zoveel mogelijk te waarborgen.

Artikel 1.6. Toetsing eindtermen

1.De toetsing van de eindtermen vindt plaats door middel van een examen.

2.De opleidingsinstelling neemt de examens af aan de hand van een deugdelijk en op schrift gesteld examenreglement.

Artikel 1.7. Diploma

De opleidingsinstelling overhandigt de cursist die het examen met goed gevolg heeft afgelegd, een op naam gesteld schriftelijk bewijs, getekend door twee leden van de examencommissie dan wel het hoofd van de opleidingsinstelling.

Artikel 1.7a [Vervallen per 01-10-2012]

Artikel 1.8. Administratie

De opleidingsinstelling voert een deugdelijke administratie waarin de persoonlijke gegevens van de cursist en de datum waarop het schriftelijk bewijs, bedoeld in artikel 1.7 is uitgereikt in ieder geval zijn opgenomen en waarin de periode is bepaald gedurende welke de examenopgaven en de uitwerkingen daarvan worden bewaard.

Paragraaf 1.3. Erkenning EU-beroepskwalificaties en tijdelijke en incidentele dienstverrichting

Artikel 1.9. Definities

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

a. wet: Algemene wet erkenning EG-beroepskwalificaties;

b. beroepskwalificaties: beroepskwalificaties, als bedoeld in artikel 1 van de wet;

c. betrokken staat: betrokken staat, als bedoeld in artikel 1 van de wet;

d. dienstverrichter: dienstverrichter, als bedoeld in artikel 21 van de wet;

e. aanpassingsstage: aanpassingstage, als bedoeld in artikel 1 van de wet;

f. proeve van bekwaamheid: proeve van bekwaamheid, als bedoeld in artikel 1 van de wet.

Artikel 1.9a. Erkenning EU-beroepskwalificaties

1. De aanvraag van een certificaat van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 1.5h, van het besluit, wordt ingediend bij de minister of, indien de minister een certificerende instelling als bedoeld in artikel 1.5a van het besluit, heeft aangewezen, bij die instelling, onder verstrekking van de volgende documenten:

a. een naar behoren ingevuld en ondertekend aanvraagformulier;

b. een goed leesbaar afschrift van het identiteitsbewijs van aanvrager;

c. een goed leesbaar afschrift van een in een betrokken staat verkregen getuigschrift of bekwaamheidsattest waarop de aanvrager zich beroept;

d. voor zover van toepassing, een bewijsstuk dat door de aanvrager in de betrokken staat aan het vereiste aantal jaren beroepservaring is voldaan;

e. indien de aanvraag en de in de onderdelen c en d bedoelde documenten in een andere dan de Nederlandse, Engelse, Franse of Duitse taal zijn gesteld, een, zo mogelijk, door een beŽdigde vertaler opgestelde vertaling van die documenten in ťťn van genoemde talen.

2. De minister of, indien de minister een certificerende instelling als bedoeld in artikel 1.5a van het besluit, heeft aangewezen, die instelling, stelt vast of de aanvrager beschikt over het beroepskwalificatieniveau, bedoeld in artikel 6 van de wet.

3. Met inachtneming van artikel 11 van de wet stelt de minister of indien de minister een certificerende instelling als bedoeld in artikel 1.5a van het besluit, heeft aangewezen, die instelling, de aanvrager op de hoogte van de eis van het met goed gevolg afleggen van een compenserende maatregel.

4. De compenserende maatregel, bedoeld in het derde lid, bestaat uit een proeve van bekwaamheid of een aanpassingsstage, naar keuze van de aanvrager.

5. De kosten verbonden aan het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, en aan het afleggen van een compenserende maatregel, bedoeld in het vierde lid, worden doorberekend aan de aanvrager. Deze kosten worden bij de aanvraag voldaan overeenkomstig de aanwijzingen van de certificerende instelling.

Artikel 1.9b. Meldingsplicht en te verstrekken documenten bij tijdelijke en incidentele dienstverrichting

1. Voorafgaand aan de eerste dienstverrichting doet de dienstverrichter, die een beroep uitoefent als genoemd in de artikelen 3.5h, derde lid, 4.8, tweede lid, 4.9, tweede lid, 4.54d, vijfde en zevende lid, 6.16, derde en zesde lid, en 7.32, eerste lid, van het besluit, melding aan de minister of, indien de minister een certificerende instelling als bedoeld in artikel 1.5a van het besluit, heeft aangewezen, die instelling, en verstrekt daarbij de volgende documenten:

a. een schriftelijke verklaring waaruit blijkt welk gereglementeerd beroep de dienstverrichter in Nederland komt verrichten en waarin gegevens zijn opgenomen betreffende de verzekeringsdekking of soortgelijke bescherming tegen financiŽle risicoís van beroepsaansprakelijkheid;

b. een bewijs van nationaliteit dan wel, indien van toepassing, een bewijsmiddel waaruit blijkt dat de dienstverrichter het verblijfsrecht heeft verkregen in een betrokken staat;

c. een bewijs van beroepskwalificaties;

d. een bewijs dat de dienstverrichter gerechtigd is om het betreffende beroep uit te oefenen in een andere betrokken staat dan Nederland;

e. een document dat niet ouder dan drie maanden is, waaruit blijkt dat ten aanzien van de aanvrager geen maatregel berustend op een in het buitenland gegeven rechterlijke, tuchtrechtelijke of bestuursrechtelijke beslissing van kracht is, op grond waarvan de rechten op de uitoefening van het betreffende beroep in het land waar de beslissing is gegeven, geheel of gedeeltelijk, tijdelijk of blijvend zijn verloren;

f. indien de aanvrager houder is van een getuigschrift dat is afgegeven in een ander land dan de betrokken staat van vestiging, een schriftelijke verklaring waaruit blijkt dat het getuigschrift door het daarvoor bevoegd gezag van de betrokken staat van vestiging is erkend; en

g. Indien het beroep dat of de opleiding van de aanvrager die leidt tot toegang tot of tot uitoefening van het beroep, niet is gereglementeerd in de betrokken staat van vestiging, een schriftelijke verklaring waaruit blijkt dat de aanvrager in de tien jaar voorafgaand aan de dienstverrichting in Nederland gedurende ten minste twee jaar het betreffende beroep heeft uitgeoefend in de betrokken staat van vestiging.

2. De dienstverrichter verstrekt de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde verklaring een maal per jaar indien hij voornemens is gedurende dat jaar in Nederland diensten te verrichten. Daarbij verstrekt de dienstverrichter opnieuw de documenten, genoemd in het eerste lid, voor zover zich daarin een wijziging heeft voorgedaan.

3. De documenten, genoemd in het eerste lid, onderdelen a, c, d, e, f en g, zijn gesteld in de Nederlandse, Engelse, Franse of Duitse taal, dan wel, zo mogelijk door een beŽdigd vertaler, in een van deze talen vertaald. Afschriften van deze documenten zijn gewaarmerkt.

Artikel 1.9c. Controle beroepskwalificaties bij tijdelijke en incidentele dienstverrichting voor beroepen die verband houden met de volksgezondheid of openbare veiligheid

1. Voorafgaand aan de eerste dienstverrichting controleert de minister of, indien de minister een certificerende instelling als bedoeld in artikel 1.5a van het besluit, heeft aangewezen, die instelling, op grond van artikel 27 van de wet de beroepskwalificaties van de dienstverrichter, bedoeld in artikel 1.9b.

2. In aanvulling op de documenten, genoemd in artikel 1.9b, eerste lid, verstrekt de dienstverrichter de minister of, indien de minister een certificerende instelling als bedoeld in artikel 1.5a van het besluit, heeft aangewezen, die instelling, desgevraagd, met inachtneming van het bepaalde in artikel 1.9b, derde lid, de volgende documenten:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | Arbowet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x