Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet op de bedrijfsorganisatie (Wet BO)

 

INSTELLINGSBESLUIT  PRODUCTSCHAP  PLUIMVEE  EN  EIEREN

Tekst zoals deze geldt op 25 juli 2014

 

 

 

 
BESLUIT van 15 maart 2004, houdende de instelling van een productschap voor ondernemingen op het gebied van de pluimveehouderij, konijnenhouderij en edelpelsdierenhouderij, de be- en verwerking van en de handel in pluimvee, pluimveevlees, pluimveevleesproducten, eieren, eiproducten, wild en tamme konijnen, alsmede bont (Instellingsbesluit Productschap Pluimvee en Eieren)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 20 november 2003, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/CAM/2003/88540, gedaan mede namens Onze Minister van Economische Zaken en Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
     Gelet op artikel 67, 70, 70a, 73, 76, eerste lid, 102, tweede lid, en 126, derde lid, van de Wet op de Bedrijfsorganisatie;
     De Raad van State gehoord (advies van 11 december 2003, nr. W12.03.0489/I/IV);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 9 maart 2004, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/CAM/2003/95708, gedaan mede namens Onze Minister van Economische Zaken en Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

1. Begripsbepalingen

 

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. de wet: de Wet op de bedrijfsorganisatie;

b. het productschap: het Productschap Pluimvee en Eieren.

 

Artikel 2

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. pluimvee: kippen, kalkoenen, parelhoenders, eenden, ganzen, kwartels, duiven, fazanten, patrijzen en loopvogels (ratites);

b. edelpelsdieren: nertsen, vossen en overige voor de bontproductie gehouden pelsdieren;

c. tamme konijnen: konijnen, zijnde landbouwhuisdieren;

d. pluimveevlees: vlees afkomstig van pluimvee;

e. eieren: vogeleieren welke al dan niet bestemd zijn voor menselijke consumptie;

f. technische eiproducten: eiproducten welke ongeschikt zijn voor menselijke consumptie;

g. wild: alle gedode, voor menselijke consumptie geschikte dieren die in het vrije veld plegen te leven.

 

Artikel 3

1 .In dit besluit wordt onder pluimveehouderij verstaan het al dan niet voor eigen rekening en risico bedrijfsmatig:

a. houden van pluimvee,

b. fokken van pluimvee,

c. opfokken van pluimvee,

d. uitoefenen van het pluimveevermeerderingsbedrijf, of

e. uitoefenen van kuikenbroederij.

2. In dit besluit wordt onder handel mede de werkzaamheid van tussenpersonen verstaan.

3. In dit besluit wordt onder handel niet de doorvoer- en driehoekshandel verstaan.

 

2. Het productschap

 

Artikel 4

1. Er is een Productschap Pluimvee en Eieren.

2. Het productschap is ingesteld voor ondernemingen waarin:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | Wet BO | alle wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x