Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Wet Vpb)

 

UITVOERINGSBESLUIT  VENNOOTSCHAPSBELASTING  1971

Tekst zoals deze geldt op 25 juli 2014

 

 

 

 
BESLUIT van 14 september 1971, houdende uitvoering van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Op de voordracht van de Staatssecretaris van FinanciŽn van 17 augustus 1971, nr. B 71/15503, Directie Wetgeving directe belastingen;
     Gelet op de artikelen 5 en 29 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Stb. 1969, 469);
     De Raad van State gehoord (advies van 25 augustus 1971, nr. 11);
     Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van FinanciŽn van 7 september 1971, nr. B 71/16415, Directie Wetgeving directe belastingen;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Artikel 1

1. Dit besluit geeft uitvoering aan de artikelen 5, 12b, 14c en 29 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

2. Dit besluit verstaat onder wet: de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.

 

Artikel 2

De in artikel 5, eerste lid, onderdelen a, e, f, en g, van de wet omschreven lichamen zijn van de belasting vrijgesteld.

 

Artikel 3

Een in artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van de wet omschreven lichaam is van de belasting vrijgesteld mits de werkzaamheden van het lichaam in overeenstemming zijn met het in voormelde onderdeel b aangegeven doel en bovendien de winst, behoudens een uitkering tot ten hoogste vijf percent per jaar over het gestorte kapitaal of over de inleggelden, uitsluitend kan worden aangewend ten bate van de verzekerden, een ingevolge het onderhavige artikel vrijgesteld lichaam, of een algemeen maatschappelijk belang.

 

Artikel 4

Een in artikel 5, eerste lid, onderdeel c, van de wet omschreven lichaam is van de belasting vrijgesteld mits het lichaam van publiekrechtelijke aard is, dan wel, indien dat niet het geval is, het lichaam, zo het winst behaalt, deze uitsluitend kan aanwenden ten bate van een ingevolge het onderhavige artikel vrijgesteld lichaam of een algemeen maatschappelijk belang.

 

Artikel 5

Een in artikel 5, eerste lid, onderdeel d, van de wet omschreven lichaam dat werkzaam is op het gebied van de landbouw is van de belasting vrijgesteld mits:

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | Wet Vpb | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x