Kamerstukken II 2002-2003, 28 960

Invoering van de Wet werk en bijstand (Invoeringswet Wet werk en bijstand)

 

 

Nr.r7 NOTA  VAN  WIJZIGING

 

 

Ontvangen 12 augustus 2003

 

     Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A.
Artikel 4 [4] wordt als volgt gewijzigd:
Het derde en vierde lid komen als volgt te luiden:
-3. Onverminderd de artikelen 8 tot en met 12 [8-12] brengt het college de in het eerste en het tweede lid bedoelde besluiten binnen 24 maanden na de inwerkingtreding van de Wet werk en bijstand in overeenstemming met onderscheidenlijk die wet, de Ioaz of de Ioaw, voor zover deze besluiten afwijken van die wetten.
-4. Het college brengt vóór de inwerkingtreding van artikel 23 [23] onderscheidenlijk artikel 24 [24] op grond van de Ioaz of de Ioaw genomen besluiten binnen 24 maanden na die inwerkingtreding in overeenstemming met de artikelen 37 en 37a van de Ioaz onderscheidenlijk de Ioaw, zoals deze artikelen luiden na de inwerkingtreding van de onderdelen L [L] en M van artikel 23 [M] onderscheidenlijk artikel 24 [24].
B.
Artikel 6 [6] vervalt.
C.
Artikel 7 [7] komt te luiden:
Art. 7. Zelfstandigen
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de verlening van bijstand en bijstand ter voorziening in de behoefte aan bedrijfskapitaal op grond van de Wet werk en bijstand aan zelfstandigen en aan personen die algemene bijstand ontvangen en voornemens zijn een bedrijf of zelfstandig beroep te beginnen en zich in verband hiermee niet beschikbaar stellen voor arbeid in dienstbetrekking gedurende de voorbereidingsperiode van ten hoogste twaalf maanden, waarbij kan worden afgeweken van de artikelen 9 [9], 10 [10], 11 [11], 32 [32], 34 [34], 40 [40], 41 [41], 45 [45], 77 [77] en de paragrafen 4.2 [4.2], 6.1 [6.1], 6.4 [6.4] en 7.1 [7.1] van die wet.
D.
Artikel 9 [9] komt te luiden:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.